Laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen in stadslogistiek

Leefbare binnensteden en het terugdringen van uitstoot vraagt om slimmere stadslogistiek en om zero-emissievoertuigen. Omdat het aanbod van elektrische bestelwagens en vrachtauto’s snel toeneemt ligt voor ondernemers het elektrificeren van het goederenvervoer van en naar de stad voor de hand. Maar die stap roept ook allerlei vragen op. Hoe kunnen transporteurs hun werk doen met elektrische voertuigen die regelmatig opgeladen moeten worden? Welke aanpak geeft de laagste kostprijs? Waar, wanneer en hoe snel gaan bestelwagens en vrachtwagens laden?
Voor transporteurs en eigen vervoerders die overwegen om te investeren in elektrische bestelauto’s en vrachtwagens speelt de uiteindelijke Total Cost of Ownership (TCO) een grote rol. Het uitvoeren van een deugdelijke TCO-berekening voor dit soort voertuigen is echter nogal verschillend en vaak complexer, dan die van een voertuig met een verbrandingsmotor. Een tweede uitdaging ligt bij overheden en (particuliere) investeerders in publieke of openbare oplaadfaciliteiten en betreft de vraag naar elektriciteit uit de logistieke markt. Dat gaat niet alleen over de totale vraag aan elektriciteit, maar vooral over de detailvraag op welke plek welke oplaadinfrastructuur zinvol is, gebruikt gaat worden en rendabel kan zijn. En dat hangt weer af van de ritprofielen van de ingezette voertuigen. De opzet van deze brede studie was om de elementen binnen deze aandachtsgebieden vooral kwantitatief en per logistiek segment (stadslogistiek) te benaderen. Dit is gedaan aan de hand van de situatie in Amsterdam. Het perspectief van de logistieke bedrijven was hierbij leidend.
De resultaten laten zien dat elektrische stadslogistiek grote kansen biedt. Er is nu al veel operationeel en financieel haalbaar. En met het voortschrijden van de techniek neemt dat percentage alleen maar toe. De overgang naar elektrische stadslogistiek blijkt in de praktijk ook het ideale moment te zijn voor ondernemers om de logistiek anders en slimmer in te richten. De overgang naar elektrische logistiek kan veelal met vervangingsinvesteringen gedaan worden. Voertuigen zijn duurder maar de operationele kosten (brandstof, onderhoud) zijn goedkoper Iets wat met goede financiering opgevangen kan worden. De groep die nu met relatief goedkope aan te schaffen tweedehands bestelwagens rondrijdt vraagt wel om extra ondersteuning. Voorlopig zijn er namelijk geen goedkope tweedehands elektrische bestelwagens voor hen beschikbaar. De extra vraag naar elektriciteit is relatief beperkt, maar lokaal kan die extra vraag net te veel zijn voor het net. Op tijd uitbreiden van de capaciteit lost dat op. Het is goed voorspelbaar waar geladen gaat worden: voor Groot-Amsterdam betekent dat bijvoorbeeld een vraag naar veel publieke laadpalen in wijken net buiten de stad, voor bestelwagens. Voor de Nederlandse aanbieders van laadinfrastructuur en IT-systemen biedt elektrische stadslogistiek grote kansen: in Nederland kunnen nieuwe producten uitgerold worden die daarna in andere landen aangeboden kunnen worden.De resultaten van het onderzoek zijn bruikbaar voor decentrale overheden en netbeheerders.